Het is heel eng om na zes maand zonder enige affectie of liefdesperikelen terug een gevoel te krijgen dat je je vaag herinnert als: verliefd. Je weet niet meer wat het is. Of waar het op uitdraait. Je zit terug in die fase dat alles kan gebeuren, dat je niets zeker weet. Spannend, mysterieus. Kriebels. Verliefd.
Ik vind het niet leuk. Ik hoor mezelf nochtans herhalen, maand na maand, dat ik het miste. Het wachten op sms'jes, de hints, de zenuwen, de buiktuimelingen. 'Ik mis het echt, weet je, om zot te worden van onwetendheid, om te wachten op hét moment, hét moment dat je het dan allebei weet - jep, dit is iets.' Maar nee, ik vind het niet leuk. Want deze buiktuimeling, deze plotse verandering in mijn leven, zal op een sisser aflopen. Dat weet ik bijna honderd procent zeker.
Ik ben niet pessimistisch, hoor. Ik geloof nog in de liefde, denk ik. Hoop ik. Ik ben enkel realistisch. Dit hier, dit wat ik mijzelf wijsmaak, mijzelf zot voor maak, dit wordt niets. Hoe zou het ook kunnen? Er zijn zoveel dingen die 'ons' zouden kunnen tegenhouden. Er zijn meer redenen om niets te zijn dan om iets te zijn.
Maar hij zit in mijn hoofd. Hij wil er niet uit. Hij heeft er z'n tentje opgezet. Hij is er bij alles dat ik doe en als ik het koud heb, verwarmt hij mij met de mooiste gedachten. Dan steekt-ie zijn vuurtje aan. Mijn vuurtje aan. Hij is er.
Dus nu zit ik hier, aan mijn bureau, met mijn GSM op luid, terwijl ik mijzelf constant berichtjes stuur om zeker te zijn dat mijn gsm het niet vergeten is een ander sms'je door te geven, een belangrijk sms'je. Ik gedraag me belachelijk, puberaal, hysterisch, verdrietig, onwaarschijnlijk gelukkig en absurd. Ik ben verliefd. Maar ik zou het niet mogen zijn.
Verliefd zijn is leuk, spannend maar kan ook kut zijn. Wat omschrijf je dat mooi, met dat vuurtje, hihi. :D
BeantwoordenVerwijderen