Familie is fantastisch. Maar echt. Niets gaat boven familie. Een sterke bloedband! Op familie kan je ook altijd rekenen. Familie is het toverwoord tot geluk! Familie! Familie!
Allemaal goed en wel, maar... Nee, toch niet. Ik zit aan een lange tafel, met de zus van mijn papa en haar man, en de broer van mijn papa. En het is... Gezellig, echt waar. Het is altijd leuk om te horen dat je 'zoveel' veranderd bent (ook al is het nog geen twee weken geleden dat je me gezien hebt, tante). 'Hoe gaat het met u?', gaat ze dan verder, 'Want ja, je blijft mijn vriendschapsverzoeken maar negeren op Facebook, dus ik weet niets over je...'.
Sorry, maar, familie die je niet kan uitstaan op Facebook, familie die om de drie minuten een nieuwe foto van hun schattige babydochter uploadt, familie die op elke foto van jezelf wel een opmerking moet geven, familie die stalkt, maar echt, ronduit stalkt, wel, die familie wil je niet op jouw Facebook. Klaar.
Maar goed, terug naar de tafel. De gesprekken zijn uiteenlopend, maar uiteindelijk komt het altijd neer op reizen. Ons tante, ja, die heeft de reismicrobe, jawel. Nu ze een dochtertje heeft moet die ook de hele wereld gezien hebben natuurlijk, ja, zelfs op een leeftijd van vijf jaar moet die kleine spruit mee op zakenreis. Papa geeft me een blik. Ik noem het graag de 'stop met er zo intellectueel en verveeld uit te zien en meng jezelf in de conversatie'-blik. Het is een blik die ik altijd krijg als ik in deze familiekring vertoef.
'Ciabatta... Ciaaabattaaaaa. Cia-batta. Ci-a-a-baaa-tta.' Mijn oom heeft absoluut veel zin in een stukje ciabatta, maar aangezien de broodkom niet in zijn buurt staat, besluit hij om even een serenade aan dit Italiaanse brood te brengen. Gewoon, tussendoor.
'Onlang ging ik met ons Fleureke naar Egypte. Maar echt, lekker gegeten, hoor', gaat reiszieke tante verder. 'We hebben echt genoten van heerlijke scampi's!'.
'Scampi', zeg ik. Er valt een stilte - want wow, ze praat! 'Scampi', herhaal ik, 'niet scampi's. Scampo is het enkelvoud, scampi het meervoud. Scampi's zou een dubbel meervoud zijn.'
Stilte.
'Ciabattaaaaa.... Cia, batta. Ciabatta!', kweelt mijn oom verder, want het brood heeft hem ondertussen nog niet kunnen bereiken. Ik geef hem de kom met sneetjes brood, schrok mijn laatste met smeuïge kaas besmeerde stukje ciabatta naar binnen en excuseer mezelf.
Familie. Soms vraag je jezelf af hoe in godsnaam die mensen zelfs verwant aan jou kunnen zijn.